D66 is tegen het afschaffen van de zogenaamde basisinfrastructuur in de culturele sector. VVD-staatssecretaris Zijlstra wil dat alle kunstinstellingen elke vier jaar zichzelf weer moeten aanmelden, maar volgens Kamerlid Boris van der Ham is dat onnodig en onzinnig. "Waarom het Concertgebouworkest een pitch laten doen, terwijl je weet dat we ze toch wel willen houden?"

Een Kamermeerderheid van VDD, CDA, PVV en SGP stemt in met de Wet Specifiek Cultuurbeleid. De wet houdt een belangrijke verandering in ten opzichte van het huidige cultuurbeleid. De categorie van 'langjarige' instellingen die in principe niet iedere vier jaar opnieuw subsidie hoeven aan te vragen, wordt afgeschaft. Ook bijvoorbeeld het Rijksmuseum en het Concertgebouworkest moeten weer iedere vier jaar gaan meedingen.
Volgens D66-Kamerlid Boris van der Ham wordt daarmee onnodig veel bureaucratie geschapen. 'Deze kermis hadden we nu juist afgeschaft omdat we toch wel weten dat die instellingen er over twintig jaar ook nog zullen zijn. Bovendien willen we dit soort grote instellingen juist de ruimte geven om meerjarige afspraken te maken voor tournees en het vooruit plannen van grote exposities. ' Het is dus dom volgens D66 deze hetzelfde te behandelen als kleine musea, orkesten of toneelgezelschappen. Van der Ham stelt daarbij dat door deze race en onzekerheid juist de innovatie in de sector van nieuwe groepen in de knel komt.
Van der Ham drong er ook op aan om te onderzoeken of de snelle invoering van het nieuwe stelsel (er was eerst sprake van een tussenjaar) juridisch wel houdbaar is. Hij verwees naar de afschaffing van de Wet Werk en Inkomen Kunstenaars (WWIK). De rechter heeft staatssecretaris De Krom van Sociale Zaken gedwongen alsnog een overgangsregeling te creëren. Volgens Van der Ham stappen 21 kunstinstellingen naar de rechter, omdat het Rijk hen vanaf volgend jaar niet meer wil subsidiëren. 'Als de rechter u terugfluit, kan dat flinke financiële gevolgen hebben. Laten we dat dan van tevoren toetsen.' Zijlstra gaf toe geen garantie te hebben op een goede afloop, maar dacht sterk te staan.